Costa Rica (en Panama)

Het land van de nationale parken

Hoewel klein van oppervlakte telt Costa Rica enkele tientallen nationale parken. Tropische regenwouden, actieve vulkanen, koraalriffen en witte stranden tref je er. Ook de fauna is zeer gevarieerd: van krokodillen tot luiaards en van ibissen tot gifkikkers.

Reisverslag en foto's: Eric van der Pol & Marian Robbe

Om zeven uur lopen we al door San José. Na het ontbijt en het regelen van wat praktische zaken gaan we naar het Serpentario, een dierentuin met alleen slangen en gifkikkers.

Behalve veel giftige slangen zijn er ook twee albino boa's. Ze zijn zo'n vijf meter lang, behoorlijk dik en bovendien knalgeel. Het lijken net tuinslangen. Ook zijn er terraria met gifkikkertjes. Misschien zien we deze ook nog wel in het wild.

Het Museo de Jade is gevestigd op de elfde etage van een kantorencomplex, je hebt er een schitterend uitzicht over San José. Er zijn allerlei kunst- en gebruiksvoorwerpen van witte, groene en zwarte jade tentoongesteld die dateren uit de pre-Colombiaanse periode in Costa Rica. Er zijn ook voorwerpen van de Maya's en Olmeken.

Het wordt aardig warm (30 graden) en het is erg druk en lawaaierig. We gaan naar de Jardin de Mariposas Spirogyra, een vlindertuin aan het eind van een doodlopend straatje iets buiten het centrum.

Eerst bekijken we een video over het leven en kweken van vlinders. Daarna lopen we door de tuin die is afgezet met hekken en gaas, zodat de vlinders niet ontsnappen. Het is heerlijk rustig; we zijn de enige bezoekers en je hoort hier geen stadsgeluiden.

Quepos

Manuel Antonio NP, regenwoud en mooie stranden

Vroeg op, het is een behoorlijk lange tocht naar Quepos.

Onderweg stoppen we bij een brug over een smal stuk water. Eerst zien we niets, maar als je wat langer kijkt zie je steeds meer krokodillen. Ze zijn behoorlijk lang en duiken soms onverwacht vanuit het modderige water omhoog.

De bus stopt ook bij een poel waar allerlei vogels zitten: ibissen, roze lepelaars, een soort steltlopers en eendjes. Verder ligt er een krokodil aan de kant en komt een kleine schildpad uit het water gekropen.

Quepos ligt aan de zee en heeft een mangrovebos. We huren een kano om dat mangrovebos van dichtbij te bezichtigen. Het water staat in verbinding met de zee en aangezien het vloed is varen we vrij hard. Tegen de schemering vliegen er veel ibissen en reigers over. Vlak boven het water scheert een grote ijsvogel. Door de stroming duurt het lang voor we terug zijn bij de steigers. Het is donker als we aankomen.

Manuel Antonio National Park is een tropisch regenwoud met drie mooie stranden. Het is een klein park, zo'n 682 hectare. De zee, de rotsen en het regenwoud zorgen ervoor dat er veel verschillende vogels rondvliegen, zo'n 180 soorten.

Ook komen er 100 verschillende soorten zoogdieren voor.

De ingang blijkt aan de andere kant van een stroompje. Dat stroompje staat in verbinding met de zee en, jawel, het is vloed. Schoenen uit en fototas op je hoofd. Het water komt tot aan je middel, gelukkig hebben we zwemkleding aan. Het is zo vroeg al behoorlijk warm, dus we zijn snel weer opgedroogd.

Na vijftig meter lopen zien we de eerste dieren, een agoeti (een soort konijn) en een luiaard. Luiaards hangen de hele dag in een boom en slapen 18 uur per dag. Maximum snelheid op land 300 meter per uur en in het water 500 meter per uur.

In het park zijn verschillende wandelingen uitgezet van gemiddeld een half uur. Na de eerste wandeling gaan we naar het strand om te ontbijten en te zwemmen. Op het strand zien we twee leguanen van ongeveer 50 cm.

Daarna lopen we de Sendero al Mirador, een route die eindigt bij een punt waar je een schitterend uitzicht over de kust en de zee hebt. We zien squirrel monkeys en zeer brutale whitefaced monkeys, die spullen van aan het strand liggende mensen jatten.

Na de lunch lopen we de Sendero Puerto Escondido. Ook hier komen we de whitefaced monkeys weer tegen. Ondertussen zijn er busladingen Amerikanen losgelaten en begint het park aardig op de Apenheul te lijken.

Monteverde

De kolibrietjes moet je zo ongeveer van je af slaan

Onderweg naar Monteverde zien we veel bomen met bloesem en veel felgekleurde vogels en roofvogels. We stoppen voor wat reigers en een caracara (roofvogel). De laatste 35 km gaan over een onverharde weg met flink wat gaten en stenen, we worden aardig door elkaar geschud. De huisjes waar we overnachten maken dat helemaal goed. Het zijn tweepersoons geschakelde bungalowtjes met een zitje voor de deur. De huisjes staan in een grote tuin met heel veel bloeiende planten. We blijven hier twee dagen, maar wat ons betreft mag dat langer duren.

We gaan de Sendero Bajo del Tigre lopen, een wandeling over een uitgezette route van drie kilometer in het Bosque Eterno de los Ninos. We zien veel vogels, waaronder een motmot (vogel met een gele borst met een zwarte stip en blauwe wenkbrauwen, een dunne staart met aan het uiteinde twee flapjes) en een kleine toekan.

We rusten uit op een hooggelegen plek met een adembenemend uitzicht over de vallei beneden en op de bergen van de overkant. Er zijn hier veel gieren en we zien witte kaketoes en grote toekans met een rode stuit. De kolibrietjes moet je zo ongeveer van je af slaan, zoveel zitten er.

Na een late lunch in het kamp besluiten we nog een keer een gedeelte van de route te lopen. De meeste vogels zijn tegen de schemering erg actief. Weer zien we motmots, toekans en ook nog squirrelcookoo's.

We maken aardig wat foto's en lopen terug naar het kamp. Morgen vertrekken we om half zes met de gids naar Bosque Nuboso Monteverde.

Stipt om half zes vertrekken we. Het is maar twee kilometer lopen naar de ingang van het park, maar omdat we onderweg al zoveel vogels zien doen we daar twee uur over. We zien veel kleine vogels (formaat mus), felgekleurd of lichtblauw met grijs. We hebben een bijzonder goede gids, doordat die allerlei vogels kan nadoen zien we er behoorlijk veel.

Voor de ingang van het park zien we al een quetzal. Het park wordt bijzonder goed beheerd; er mogen niet meer dan 100 mensen in. Als je daarna naar binnen wilt, moet je wachten tot er mensen het park uitgaan. We willen graag een trogon zien en de gids snelt voor ons uit het park in. Helaas, de trogon zien we niet, wel een boom met daarin zes quetzals.

Rond twaalf uur nemen we afscheid van de gids en gaan wat eten en drinken in het restaurant van het park. Daarna lopen we een pad af naar wat watervallen met poeltjes. Verder lopen we naar het hoogste punt van het park en zien zowaar nog een quetzal.

Laat in de middag lopen we terug naar de huisjes. Onderweg komen we langs Galeria Colibri, een winkeltje waar ze bakjes met gezoet water buiten hebben gehangen voor de kolibrietjes. Er vliegen wel vier verschillende soorten rond. Gelukkig staan er bankjes, daar zitten we een half uur naar die flitsende vogeltjes te kijken. Verderlopend zien we nog wat toekans en een papegaai.

Santa Elena NP

Over hangbruggen door de boomtoppen

Het Santa Elena National Park lijkt op het park in Monteverde. Alleen ga je hier over hangbruggen door de toppen van de bomen. Per 20 minuten worden er maar 10 mensen toegelaten, dit om te zorgen dat de hangbruggen blijven hangen! Erg stabiel ziet het er niet uit en het schommelt verschrikkelijk als je erop staat. Fotograferen kan alleen als iedereen stilstaat. Omdat we laat zijn zien we niet veel vogels en de brulapen laten ook niet van zich horen, maar het uitzicht is fantastisch.

We rijden verder naar Liberia. Het is buiten warm, zo warm (40 graden) dat zelfs de ramen van de bus heet aan voelen. Laat in de middag komen we bij ons hotel aan. Gelukkig heeft dat een zwembad en een openlucht restaurant.

Na een koude douche lopen we door Liberia. Eerst halen we een geldautomaat leeg. Hier kun je zowel collones als dollars pinnen; reuzehandig. Daarna lopen we naar het stadsparkje. Onderweg zien we felgekleurde vogels, in het park stikt het van de spreeuwen die flink wat kabaal maken.

Er zijn weinig mensen in het park, als we naar de kerk lopen begrijpen we waarom. Er is een dienst bezig en de kerk is tot de nok gevuld. We pikken een terrasje en lopen nog wat rond. Aangezien we allebei niet zo'n trek hebben, kopen we een pizzapunt bij de truck van de Pizzahut en lopen in het donker terug naar het hotel. Weer liggen we vroeg in bed, reuze vermoeiend die vakanties.

Rincon de la Vieja NP

Sputterende en stinkende modderpoelen

Vroeg op en in de bus naar het Rincon de la Vieja National Park, waar je allerlei vormen van vulkanische activiteit kunt waarnemen. Het is mogelijk om de vulkaan te beklimmen, maar echt veel tijd hebben we daar niet voor.

We lopen in ongeveer drie uur naar Las Pailas, een gebied met damp- en gasbronnen. De route start in de bossen en dat is gezien de temperatuur bijzonder aangenaam. Het begin is heerlijk koel, we lopen de hele tijd in de schaduw. Na tien minuten zien we in een boom brulapen zitten. Ze luieren wat en kijken naar ons, maar laten niet van zich horen.

We komen langs warmwaterbronnen en sputterende en stinkende modderpoelen. De zwaveldampen slaan op je longen. Wat een stank. De poelen zijn afgezet, maar op afstand voel je toch de hitte die er vanaf komt.

Onderweg eten we meegenomen broodjes en fruit op, in het park zelf is helemaal niets te krijgen. Na de picknick zien we nog een sputterende modderbron. Leuk gezicht, die bewegende blubber.

Het laatste stuk van de route loopt door open en droog terrein, er zitten geen blaadjes aan de bomen en sommige bomen lijken wel zwartgeblakerd door de hitte. In dit open terrein stijgt de temperatuur tot 44 graden. We weten niet hoe snel we in de schaduw moeten komen. Terug bij de ingang lopen we naar een waterval waar gezwommen kan worden. Hier eten we wat en koelen af in het koude water.

Na een uurtje lopen we een stukje verder het bos in. Het is er nog heerlijk koel. We komen een nest neusbeertjes tegen. Allemaal jonkies, ze zijn niet echt in ons geďnteresseerd.

We vertrekken richting Fortuna. Het doel is de actieve vulkaan Arenal. Een constante lavastroom zou 's avonds in het donker een schitterend uitzicht bieden. Eerst komen we langs het stuwmeer Arenal. Hier heeft de regering een compleet dorp onder water laten lopen. Het schijnt dat het topje van de kerk nog boven het water uitsteekt. Ik zie dat niet. Het weer is grijs en de top van de vulkaan is in de wolken gehuld.

's Middags brengt de bus ons naar Fortuna. We lopen wat in het dorpje rond, maar dat is niet echt interessant. Wij besluiten om niet in het dorpje te blijven maar de ongeveer acht kilometer naar onze cabina's terug te lopen. We zien weer heel veel vogels.

Cano Negro

Leguanen van een meter liggen in de bomen

Het Refugio Nacional de Vida Silvestre Cano Negro ligt vlakbij de grens met Nicaragua. De kern van het park is een meer dat gevoed wordt door een drietal rivieren. In de zomer, de droge periode, schijnt het meer te verdwijnen. Het is beroemd omdat er veel watervogels voorkomen.

Onderweg erheen maken we een stop bij een restaurant. De eigenaar voedt de leguanen die in een boom liggen. Sommige zijn wel een meter lang. Het schijnt dat ze deze beesten hier eten. Volgens de kenners smaken ze naar kip.

We rijden verder naar Los Chilos, waar we met een klein gemotoriseerd bootje met een afdakje de Rio Frio afvaren. We zien een slangehalsvogel, veel ijsvogels, verschillende soorten reigers en jacana's.

Onderweg klauteren we aan wal voor de lunch. Terwijl we zitten te eten zien we een havik in een boom zitten. Na de lunch varen we verder. Om ons de brulapen te laten zien, maakt de gids een hels kabaal. Van ver komt een antwoord, maar te zien krijgen we de brulapen niet.

Omdat het water erg laag staat draaien we om en varen terug. We zien nog een baseliekleguaan, de enige leguaan die zo snel loopt dat het lijkt dat hij over water kan lopen.

Op twee meter afstand passeren we twee krokodillen. Ze liggen met de bek open, hun manier om de kaakspieren te ontspannen. Rond vier uur zijn we terug bij de aanlegsteiger en rijden naar onze riante huisjes.

Tortuguero

We worden wakker van het kabaal van de brulapen

Het National Park Tortuguero is beroemd vanwege de schildpadjes die 's avonds aan land komen. Het park ligt zeer geďsoleerd, na een tocht van meer dan twee uur over een slechte weg langs bananenplantages moeten we nog twee uur met een boot. Omdat het water erg laag staat loopt de boot een aantal keren vast. Iemand springt in het water en duwt de boot los. Wij letten op of er geen krokodillen in de buurt zijn.

Onderweg zien we een luiaard, er liggen wat grote krokodillen aan de kant en twee schildpadjes zonnen wat. Het broedseizoen is net begonnen en omdat er nog zo weinig schildpadden zijn, is de toegang tot het strand verboden.

We worden wakker van het kabaal van de brulapen. Om half zes vertrekken we voor een rondvaart door het park. We zien nu alle toekansoorten die in Costa Rica voorkomen. Helaas is het nog te donker om te kunnen fotograferen.

Spidermonkeys slingeren razendsnel van boom naar boom. Een kleintje, waarvoor de sprong van ene naar de andere boom nog te groot is, klemt zich vast aan zijn moeder.

In dit gebied kan gekanood worden. Onderweg zijn er veel vogels te zien, waaronder gieren. Doordat het peddelen weinig geluid maakt, blijven de meeste vogels rustig zitten; een perfecte manier om ze te fotograferen. 's Middags wandelt Eric naar de top van de Cerro Tortuguero. Onderweg weer veel vogels en zelfs gifkikkertjes.

Cahuita

Drie zandwegen aan de Caribische Zee

We rijden naar Cahuita aan de Caribische Zee. Eerst weer twee uur met de boot, daarna een lange tocht door de bananenplantages en verder naar Puerto Limon, een plaatsje met een haven.

Bezienswaardigheden of een centrum heeft Cahuita niet. Het bestaat uit drie zandwegen en een paar huizen, restaurantjes en hotelletjes. Volgens de reisgids brengen de bezoekers hun dagen door met luieren in een van de bars waar reggaemuziek de boventoon voert, in een hangmat voor het hotel of op het strand.

Het Cahuita National Park ligt aan de rand van het dorp, met vijf minuten lopen zijn we er. Ook dit park ligt voor een groot deel aan zee, de zwemspullen hebben we meegenomen. Vlakbij de ingang ontbijten we op een picknickplek. Dit park lijkt een beetje op Manuel Antonio National Park (veel bossen, strand en zee), maar wordt veel minder door toeristen bezocht. De dieren zijn ook schuwer.

We zien nesten van de Montezuma Oropendula. Deze vogel lijkt op een kraai, maar is bruin, de onderkant van de vleugels en de staart zijn felgeel. Hij maakt nesten die in de bomen hangen en op de slinger van een klok lijken.

We lopen door een meertje en vervolgen het pad langs het water. Er zitten sterntjes en pelikanen. Verder zien we veel whitefaced monkeys. We verlaten het park aan de andere kant, op zoek naar drinken; we hebben niet genoeg meegenomen. Bij een huisje met wat parkwachters is niets te koop, maar nog een paar kilometer verder is een soort bar. We lopen door en proberen zo veel mogelijk in de schaduw te blijven.

Eric zwaait wat met zijn armen en in de bomen boven ons breekt een hels kabaal los. Een grote groep brulapen lag lekker te luieren en is van ons geschrokken. En wij weer van hen. Ze slingeren naar de bomen aan de overkant, zoeken een rustig plekje en luieren verder.

Gelukkig komt de bar in zicht, het vochttekort kan worden aangevuld. Vanuit hier is het mogelijk langs de weg naar Cahuita terug te lopen. We besluiten dat niet te doen, er is vrij veel verkeer; dus niet echt gezellig lopen. We lopen dezelfde weg die we gekomen zijn terug. Weer zien we drie whitefaced monkeys, deze keer blijven ze rustig zitten.

Panama

Via een ongebruikte spoorbrug de grens over

Vandaag verlaten we Costa Rica. Eerst komen we langs een aantal bananenplantages. Bij een Delmonte-plantage stappen we uit om te zien wat er allemaal met die bananen gebeurt voor ze verscheept worden.

Zodra zich aan de boom banaantjes vormen, wordt over de tros in wording een blauwe vuilniszak getrokken. Zo kunnen de vogels niet bij de bananen. Het is wel een raar gezicht: een ontzettend groen gebied met allemaal blauwe vuilniszakken in de bomen.

De trossen worden met een machete gekapt en aan haken gehangen. Via een railsysteem komen de bananen bij de 'fabriek'. Hier worden ze in kleine trosjes verdeeld en twee keer gereinigd. Waarmee dat gebeurt blijft een geheim. Vervolgens worden de trosjes gewogen en wordt op iedere banaan een Delmonte-sticker geplakt. Tenslotte in de bekende bananendozen en transporteren maar. Er mag in verband met bedrijfsspionage niet gefotografeerd of gefilmd worden.

Verder richting de grens met Panama stoppen we op een plek waar wel honderd gieren in de lucht zweven. Ook de grens is weer een belevenis. Over een rivier loopt een spoorbrug die niet meer wordt gebruikt. Er staan twee krotten staan: een krot voor de ambtenaren van Costa Rica (hier wordt ons paspoort gestempeld) en een krot voor de Panamese ambtenaren. Weer wordt ons paspoort gestempeld. Voordat we Panama in mogen, moeten eerst de gebruikelijke formulieren ingevuld worden.

Na de oversteek van de grensrivier zijn we in Panama. We rijden door tot aan een havenplaats, vandaar gaan we met een soort speedboottaxi naar Bocas del Toro, een eiland voor de kust. Het water rond het eiland is een nationaal park, er schijnen dolfijnen voor te komen. Het houten botel is zeer primitief, maar in ieder geval met een douche en een toilet.

We hebben met een aantal mensen een catamaran gehuurd om op verschillende plekken te gaan snorkelen. Iedereen is razend enthousiast over de riffen, de vissen en het koraal. Lunchen doen we in een hutje midden op het water.

's Avonds blijken we aardig verbrand maar dat mag de pret niet drukken. We eten Italiaans en hangen voor het slapen nog wat rond aan het water, op de veranda van het hotel.

Vandaag hebben we de catamaran voor een half dagje gehuurd. We zijn zo verbrand dat nog een hele dag zon niet gezond meer is. De vermoeidheid heeft ook toegeslagen en we zijn aan een rustig middagje toe. Voor het snorkelen is niet veel animo meer. Het is lekker om op de boot te zitten, lekker briesje en genieten van de zon. Boekje en drankje erbij, meer is niet nodig.

De rest van de dag rommelen we wat aan en pakken onze tassen opnieuw in. Vanavond gaan we naar een bar met een liveband. De Beach Boys spelen (gelukkig geen surfmuziek) op een aanlegsteiger aan het water waar ook een bar is. De Barcardi-cola's zijn spotgoedkoop en de band is fantastisch, het weer is perfect; een swingende avond dus. Na veel dansen, zweten en drinken naar bed. Gezien de hoeveelheden genuttigde alcohol zal het morgen een zeer rustig dagje worden.

Panama-stad

Politieagenten dragen kogelvrije vesten

Panama-city is het shopping-paradijs van Midden-Amerika. We worden gewaarschuwd voor 'no go areas', politieagenten dragen kogelvrije vesten en zijn flink bewapend. Bij banken zijn stickers op de deur geplakt: wapens mee naar binnen nemen is verboden!!

We lopen wat door de stad, lekker relaxed. Na een dagje winkelen valt het met de criminaliteit reuze mee. We hebben niets 'verloren' en hebben ook niets zien gebeuren.

Op het Panamakanaal heb ik me echt verheugd. Er liggen twee schepen klaar om geschut te worden. Het kanaal wordt hier in tweeën gesplitst, er zijn twee doorgangen met sluizen. In het gedeelte waar wij staan, zijn drie sluizen. Per sluis komt het schip 7 meter hoger te liggen. Het schip in het voorste kanaal is een containerschip dat net tussen de oevers past. In het achterste kanaal ligt een gigantisch cruiseschip. Voor de doorgang van het cruiseschip moet maar liefst $174.000 betaald worden.

Het is een machtig gezicht om die schepen omhoog te zien komen. Nadat alle sluizen zijn gepasseerd komen de schepen op een groot binnenmeer. Daarna moeten ze nog een aantal sluizen passeren, voordat ze aan de andere kant van Amerika uitkomen.

Tabago

Bloemeneiland voor de Panamese kust

Op onze laatste dag varen we naar Tabago, een bloemeneiland voor kust van Panama, met een soort veerboot waarop enorm veel Panamese pubers rondhangen. Die gaan gezellig met elkaar een dagje naar het strand.

Onderweg varen we onder de enige brug door die Noord- met Zuid-Amerika verbindt. Dat is aan de brug niet af te zien, die ziet er erg krakkemikkig uit. Op de boot wordt keiharde muziek gedraaid, we zijn dan ook blij als we aan land mogen.

We lopen naar het hoogste punt van het eiland en zien veel pelikanen, ook een aantal jonkies. De rest van de dag zitten we lekker op een terrasje aan zee. Daarna gaan we met de boot terug en rijden met het busje naar het hotel.

Reizigers informeren reizigers
Hopelijk vind je dit reisverslag inspirerend en behulpzaam bij het voorbereiden van je vakantie. Alle reisverslagen op deze site zijn geschreven door reizigers zoals jij en ik. Draag een steentje bij en maak ook een verslag van jouw reizen. We mailen je graag wat tips & aanwijzingen voor het schrijven van een reisverslag voor Anders Reizen.
Anders Reizen Nieuwsbrief
Voortdurend worden nieuwe reisverslagen aan het reismagazine toegevoegd.
Blijf op de hoogte en abonneer je op de gratis Anders Reizen Nieuwsbrief
Djoser NRV Holiday
Anders Reizen - Vakantie buiten de gebaande paden

Reisverslagen Costa Rica | Vakantie Costa Rica boeken