×
Welkom Reisverslagen Reizen Boeken Anders Reizen Contact

De witte vlaktes van Finland

Witte vlaktes boven de poolcirkel

Reisverslag: Royan van Velse
Foto's: Royan van Velse

Wanneer ik terugdenk aan Fins Lapland, dan denk ik vooral aan die uitgestrekte witte vlaktes een paar honderd kilometer boven de poolcirkel. Bij een temperatuur van 36 graden onder nul waren de grote meren bevroren en bedekt met een dik pak sneeuw. Bomen probeerden enigszins boven de sneeuw uit te komen, smachtend naar dat kleine beetje zonlicht midden in de poolwinter. Het was buitenaards, ongewoon vredig, stil en prachtig. Het enige wat je hoorde in die grote ijzige stilte, was het hijgen van de honden en het glijden van de sledes. En buiten dit alles was er helemaal niets.

In Finland is het verschil tussen de zomer en de winter simpelweg te vergelijken met het verschil tussen water en sneeuw. Zodra de winter intreedt veranderen de meren en de bossen in enorme, vrijwel onbewoonde witte vlaktes waar al wat leeft wacht totdat de lentezon eindelijk weer verschijnt. Na die lange winter is het vervolgens maar één dag zomer. Twee maanden lang, tussen 22 mei en 22 juli, gaat de zon dan niet onder.

In de aanloop naar de winter echter wordt het elke dag steeds langer donker en uiteindelijk komt de zon zelfs wekenlang helemaal niet meer op. De gouden vuurbal redt het dan niet om boven de toppen van de bomen aan de horizon uit te komen. De lucht blijft in die maanden grijs in plaats van blauw te worden en overdag leeft men in een soort schemering.

In dit barre klimaat leven de Saami die het oorspronkelijke volk van Lapland vormen en nog veel tradities kennen die wat weg hebben van die van de Indianen en de Inuit. Zij komen de barre winters probleemloos door en weten hoe ze zich tegen de kou kunnen beschermen. Onze dikke jassen, wollen mutsen, waterdichte wandelschoenen en dure wanten daarentegen schieten echt te kort in deze kou die ook nog eens wordt versterkt door de wind. In het dorpje Inari staat het museum Siida waar de cultuur en de geschiedenis van het Saamivolk worden getoond.

Het is overigens niet één Saamivolk maar er zijn drie Saamivolkeren die alle hun eigen taal en cultuur kennen. De gemene deler tussen de drie groepen is de verbondenheid met de natuur. Ze zijn aangewezen op wat de aarde voortbrengt en het museum besteedt hier middels verschillende zomerse en winterse exposities aandacht aan. 

De oorspronkelijke Saami waren nomaden en leefden tezamen met grote groepen rendieren. Zowel de mannetjes als de vrouwtjes van deze dieren hebben een gewei en in groten getale gedijen ze in het Finse landschap. In de wintermaanden zie je ze ploeteren door de sneeuw die vaak net wat te diep is voor ze. Er zijn er meer dan 200.000 hetgeen betekent dat er iets meer rendieren zijn dan inwoners in het land. 

Om deze dieren van heel dichtbij mee te maken kun je op rendiersafari gaan. Warm ingepakt word je dan op een slee meegenomen naar een plek waar veel van deze beesten samenzijn.

Echt wild zijn ze overigens niet want formeel gezien heeft elk rendier in Finland een eigenaar. Eenmaal ter plaatse zijn ze al snel aan je gewend en kun je je tussen de dieren begeven. Het levert altijd mooie foto’s op. Vaak zijn het de Saami die je meenemen naar zo’n plek. Terwijl je zelf onverschrokken tussen de dieren loopt, zorgen zij dan in de buitenlucht voor een vuurtje en een warm drankje. 

Met al die kou en die sneeuw is Finland bij uitstek geschikt voor winterse activiteiten. Nee, er zijn geen hoge bergen en snelle zwarte pistes en ook het feestgehalte is beduidend minder dan in Oostenrijk.  Maar behalve skiën en schaatsen kun je er volop genieten van wandelingen op sneeuwschoenen, op stap gaan met een sneeuwscooter en meegaan met sledetochten in een unieke en ongerepte natuur. 

Er zijn geen menigtes, er is geen lawaai en mensen hebben er geen haast. Een voorbeeld van een wintersportstadje is Saariselkä. In sommige hotels heb je zelfs in elke kamer een kleine sauna. De après-ski bestaat er voornamelijk uit ontspanning. Half verborgen in de sneeuw bevindt zich hier ook een kantoor van de Kerstman die zelf volgens de overlevering in Rovaniemi woont, zo’n 200 kilometer zuidelijker.

Saariselkä is niet het grootste wintersportgebied van Finland. Daarvoor moet je naar Levi waar de enige twee gondelliften van het land zijn, of naar Ylläs. De Finse skigebieden zijn in ieder geval een stuk meer sneeuwzeker dan de traditionele bestemmingen waar steeds vaker sneeuw moet worden opgespoten.

Het meest ultieme wat je kunt doen in dit deel boven de poolcirkel is het sportieve element koppelen aan avontuur en ontdekking. Dit kan door met sleeën en honden de natuur in te gaan, op expeditie ver weg van het stukje bewoonde wereld waar je je bevindt. Volledig loskomen van alles en intens genieten van de stille natuur doe je echter niet tijdens een toeristisch tochtje van een paar uur. De diepe beleving van het winterse Finse Lapland krijg je pas wanneer je achter op een hondenslee stapt voor een trektocht van een aantal dagen, eenzaam, met genoeg voorraden om te overleven, ver weg van alles. Dan trotseer je echt voor langere tijd de kou en de rijwind en geraak je in een andere dimensie

Staand achterop een slee glijd je dan in een groepje bijna geruisloos door het landschap. De honden hebben het warm ondanks de kou. Ze willen niet anders. Met z’n vijven trekken ze de slee over het glooiende terrein of over de vlakke meren met een snelheid van tien tot twaalf kilometer per uur. Ze draven erop los. Als het even wat te steil is moet je afstappen en helpen duwen. Doe je dat niet, dan draait de kop van de leider van de roedel zich om en dan moet je zijn afkeurende blik trotseren. Hier in de ruige natuur is de rangorde overduidelijk: Urkki de zwarte husky is voor nu de baas

Sporen van bewoning zijn er amper. Af en toe lijkt er een hutje of een woning bedekt te zijn door een pak sneeuw, maar iedere keer opnieuw betreft het een grote zwerfkei of een groepje bomen. Heel soms zie je wel een huisje of een hut. Het zijn dan zomerverblijven die in de barre winter niet gebruikt worden en waar je in de zomermaanden enkel met een bootje kunt komen.

Zo’n tocht in dat hoge noorden duurt elke dag uren en uren, maar je krijgt er niet genoeg van. De kou verdwijnt door de verwondering en de enthousiaste honden geven je energie. Midden op deze serene en open vlaktes of tussen de bomen kun je even in alle stilte wegdromen. In het winterse seizoen is Fins Lapland namelijk bijna buitenaards. In een kleine groep en begeleid door ervaren gidsen word je op een sportieve manier uitgedaagd en leer je op een andere manier te socialiseren met mens én dier. Toch is de expeditie redelijk laagdrempelig. Als je een beetje conditie hebt en lichamelijk niets mankeert, is dit goed vol te houden. De leeftijd in onze groep van acht varieert tussen begin twintig en einde vijftig, mannen en vrouwen. De vele lagen kleding die je ter plaatste verstrekt krijgt in plaats van je eigen outfit voorkomen dat je het te koud krijgt.

Na een dag sleeën met tussendoor een rustpauze rond een welkom kampvuur om je op te warmen, wordt er geslapen in een primitieve, houten hut. 

Deze biedt genoeg comfort maar de kachels moeten wel eerst opgestookt worden. Er moet dus hout worden gehakt voor de haarden. Daarnaast verdienen de 57 honden van de expeditie een goede verzorging. De buitenactiviteit houdt immers niet op wanneer je klaar bent met sleeën. Het vlees voor de dieren wordt vervoerd op de sleeën en is diepgevroren. Het is een hels karwei om het met een bijl in stukjes te hakken en daarna te vermengen met water dat eerst warm gestookt moet worden. Twee man zijn er bijna drie uur mee bezig.

Het meer naast de hut bevat kristalhelder drinkwater maar om erbij te kunnen dient eerst het ijs gebroken te worden. Met emmers wordt daarna het water naar de hut gebracht die maar niet warm genoeg wordt. Na een tocht van 50 kilometer in de sneeuw en een avondprogramma dat bestaat uit koken en eten, wordt het al snel stil in het slaapgedeelte van de hut. De kachel staat de hele nacht aan en in de slaapzakken is het heerlijk. Iets verderop liggen de honden aan de ketting en onder de vallende sneeuwvlokken vinden zij onderdak in hun eigen houten hokjes

De andere dagen door de sneeuw zijn al even sfeervol. Voordat de tocht begint staan de honden al te trekken, te blaffen, te janken en te trappelen van ongeduld: ze willen rennen. Sommige van hen willen een knuffel, andere doen alsof ze er niets van moeten hebben. Daar zijn ze dan te stoer voor. Met name de leiders vertonen dit schijngedrag. 

De zon blijft niet zo lang vlak boven de horizon staan maar de schemeringen zijn lang genoeg om veel van de omgeving te zien. Ook in het donker, wanneer de sterren de sneeuw nog wat belichten, kun je nog voldoende waarnemen. De honden volgen in ieder geval moeiteloos het sledespoor in de sneeuw. Tijdens die dagen komt de zon toch nog één keer écht tevoorschijn, volgens de Saami voor de eerste keer in maanden. “Het wordt bijna zomer nu!” roepen ze. Het is nog steeds ijskoud maar het aanzien van de zon vlak boven de boomtoppen geeft toch een warm gevoel van binnen. Onze door de kou en de wind beschadigde gezichten worden gestreeld door een vleugje natuurlijke warmte. Het voelt in ieder geval heel vertrouwd.  

Het landschap verandert tijdens de dagen van de tocht niet zo heel veel maar de fenomenale sensatie blijft aanwezig. Soms heb je het gevoel dat de kilometers te snel voorbij glijden. De vingers worden af en toe koud, zo ook de voeten, tot aan gevoelloos toe. Vergeleken met de oneindigheid om je heen, het meest ongerepte wit dat je je maar kunt voorstellen en het enthousiasme van je eigen team, van je husky’s, is die kou niet zo relevant. Daar kun je je tegen kleden. En door af en toe wat mee te rennen achter de slee warm je jezelf weer op. Het prettige neveneffect hiervan is dat de honden je ook steeds aardiger gaan vinden.

Wanneer op een avond de sauna naast de hut wordt opgestookt, je eindelijk heel warm wordt van binnen en van buiten en je even later met z’n allen naakt door de sneeuw rolt, voel je je pas echt een held. Dat je dit doet bij een temperatuur van bijna 40 graden onder nul kun je je haast niet voorstellen. Water uit het meer wordt opgewarmd op de saunakachel en biedt de gelegenheid om je ook heerlijk af te spoelen voordat de warme en inmiddels beduidend minder schone kleren weer aan gaan. Er is toch nog een beetje luxe tijdens de expeditie. Zelfs internet is op de meest afgelegen plekken beschikbaar. Letterlijk overal is bereik. Niet alle telefoons kunnen echter tegen deze extreme temperaturen en bij gebrek aan elektriciteit is er geen gelegenheid om ze op te laden.

Maar dan, wanneer alle omstandigheden gunstig zijn en het noorderlicht daadwerkelijk verschijnt terwijl je op het ijs of in de sneeuw staat bij temperaturen tot 40 graden onder nul, maak je een betoverend natuurverschijnsel mee dat je de optrekkende kou even doet vergeten. Het licht wordt ingeleid door ontelbare heldere sterren. Het ontstaat soms met een streepje om daarna tot leven te komen, groter en breder te worden, te dansen aan de hemel en van plaats te veranderen en zelfs langzaam om je heen te draaien. “Beleven of vastleggen?” is dan de brandende vraag voor fotografen. Een foto maken betekent dat je een statief nodig hebt, de ISO-waarde verhoogt, de lens zoveel mogelijk open zet met behulp van het diafragma, en een lange sluitertijd instelt. En dan moet je met koude vingers alle instellingen uitproberen tot je de juiste foto hebt. Als het lukt, is de Aurora Borealis van jou en heb je de mooiste nacht van de wereld beleefd. Maar tegelijkertijd geniet je misschien wat minder van het spektakel dat zich om je heen afspeelt omdat je zo druk bent met de techniek. 

Een meerdaagse tocht met die honden is een avontuur vol uitersten. Het is Fins Lapland beleven tot en met. Het is wintersport zonder weerga in het land van rendieren. Het is wintersport zinder weerga in het land van de rendieren.

Het is alsof je even een ander leven leidt. Wanneer het eindpunt van de barre tocht wordt bereikt, betekent het ook echt het einde van iets bijzonders. Afscheid nemen van de sledehonden valt dan zwaar ook al zijn ze jou bij de eerste maaltijd die ze krijgen alweer vergeten. De reis, de sfeer, de indrukken en de groepsbinding blijven je echter voor altijd bij. Zo ook de namen van de honden die mijn fantastische reisgenootjes waren tijdens de tocht: Urkki, Karu, Chips, Piki en Rasmus.

Zelf een reisverslag schrijven

De honderden reisverslagen op deze site zijn allemaal geschreven door reizigers zoals jij en ik. Ook jouw verslagen zijn welkom: over nieuwe bestemmingen, maar ook over bestemmingen waarover al verslagen op de site staan. We mailen je graag onze uitgebreide tips en aanwijzingen voor het schrijven en aanleveren van een reisverslag.
Ik wil zelf schrijven!